top of page
  • LinkedIn Social Icon
  • Facebook Social Icon
  • Instagram
  • YouTube

De flexi-job is geen oplossing, het is een symptoom

  • Foto van schrijver: Gino Vermeulen
    Gino Vermeulen
  • 5 jun
  • 3 minuten om te lezen

Bijgewerkt op: 6 jun


 

De flexi-job redt je weekend, maar bouwt geen ploeg. Nu het systeem in 2026 nog ruimer wordt, is de verleiding groter dan ooit om er je keuken op te laten draaien. Een eerlijk stuk over wat losse handen je kósten.



Laat ik beginnen met wat de meeste van mijn collega-adviseurs liever niet hardop zeggen: de flexi-job is een van de beste dingen die de horeca de voorbije jaren is overkomen. Bruto is netto, de werkgeverskost blijft beheersbaar, en op een drukke zaterdag heb je legaal extra handen zonder dat iemand er een fortuin aan verliest. Voor het opvangen van pieken is het systeem zelfs briljant.

En in 2026 wordt het alleen maar aantrekkelijker. Vanaf september worden flexi-jobs uitgerold naar zowat alle private én publieke sectoren, mogen voltijdse werknemers voor het eerst ook bij hun eigen werkgever flexi werken, en ligt de onbelaste grens intussen rond de 18.000 euro per jaar. Kortom: de vijver wordt groter en de drempel lager.

En net daar wringt het. Want hoe makkelijker het wordt om losse handen in te schakelen, hoe verleidelijker het wordt om je hele werking erop te bouwen. En dat, zie ik in de praktijk, is geen oplossing. Het is een symptoom.


Een buffer is geen fundament


Een flexi-jobber komt voor de uren, niet voor de zaak. Dat is geen verwijt het is de aard van het contract. Maar een keuken of een zaal die volledig draait op mensen die volgende week ergens anders staan, mist precies datgene wat horeca onderscheidt: continuïteit, een gedeelde standaard en mensen die wéten hoe het hier hoort.


Wie de flexi-job inzet als ruggengraat in plaats van als buffer, lost het personeelstekort niet op. Hij verbergt het. De onderliggende vraag waarom slaag ik er niet in om een vaste kern aan te trekken en te houden? blijft onbeantwoord. En die vraag komt altijd terug.


“Flexi-handen vullen je rooster. Maar ze dragen je zaak niet. Dat verschil betaal je vroeg of laat — alleen niet op de loonlijst.”
“Flexi-handen vullen je rooster. Maar ze dragen je zaak niet. Dat verschil betaal je vroeg of laat — alleen niet op de loonlijst.”

Wat je niet ziet op de loonkost


De flexi-job oogt goedkoop omdat je enkel naar het uurloon kijkt. De echte kosten staan elders, en ze zijn moeilijker af te lezen:

  • Kennis die wegloopt. Elke dienst opnieuw uitleggen waar wat staat, hoe het bord eruitziet, wie de vaste klant aan tafel zes is — dat kost tijd en het stapelt nooit op.

  • Kwaliteit die schommelt. Vaste mensen kennen jouw standaard tot in de vingers. Wisselende handen leveren wisselend werk, en de gast voelt dat.

  • Een team dat niet samengroeit. Cohesie, fierheid, het gevoel van een ploeg — dat ontstaat niet bij mensen die elkaar om de twee weken voor het eerst zien.

  • Een uitbater die nooit loskomt. Hoe losser je team, hoe meer jij de constante moet zijn. En een zaak die volledig op de uitbater steunt, is moeilijker te runnen én later moeilijker te verkopen.


De verleiding van 2026 maakt de val dieper


Net omdat de flexi-job ruimer en makkelijker wordt, is dit het moment om scherp te kiezen in plaats van mee te drijven. De ondernemer die in 2026 simpelweg “meer flexi” inzet omdat het nu eenmaal kan, schuift het echte werk vooruit. De ondernemer die de flexi-job bewust op zijn juiste plaats zet, wint twee keer: hij vangt zijn pieken op én bouwt ondertussen aan een stabiele kern.


Hoe je de flexi-job wél slim inzet


Het antwoord is niet “geen flexi meer”. Het antwoord is verhouding. Denk in een vaste kern met een flexibele schil eromheen:


  • Bouw eerst je vaste kern. De mensen die jouw standaard dragen, die nieuwe collega’s inwerken en die er ook zijn als jij er niet bent — daárin investeer je eerst.

  • Gebruik flexi voor wat het is: piekopvang. Drukke avonden, weekends, evenementen, seizoen. Niet je dinsdaglunch en niet je hele keukenbrigade.

  • Maak je vaste job aantrekkelijker dan de flexi ernaast. Roosters die kloppen, doorgroei, waardering, een team waar mensen bij willen horen. Dáár los je het tekort écht op.

  • Reken met de échte kost. Zet de verborgen kosten van constante wissel naast het lagere uurloon. Vaak is de “duurdere” vaste kracht netto goedkoper.


Tot slot


De flexi-job is een uitstekend instrument en een slechte strategie. Wie hem gebruikt om pieken op te vangen, wint tijd en marge. Wie hem gebruikt om een structureel personeelsprobleem onder de mat te schuiven, koopt rust voor vandaag en betaalt ervoor morgen in kwaliteit, in continuïteit en uiteindelijk in de waarde van zijn zaak.

Een gezonde horecazaak heeft een hart van vaste mensen en een schil van flexibiliteit eromheen. Niet omgekeerd.


Worstel je met je personeelsbezetting?

Als chefmakelaar help ik je een vaste kern uit te bouwen en de juiste verhouding te vinden tussen vast en flexibel. www.ginovermeulen.be/adviesgesprek


Blijf op de hoogte


Wil je goed geïnformeerd blijven en geen waardevolle inzichten missen, schrijf je dan zeker in voor de maandelijkse update om op de hoogte te blijven.



Contact 

Bedankt voor de inzending!

© 2026 GINO VERMEULEN | BRUSSEL

bottom of page